#110 Schutkleur
Donderdagmiddag. Er is niemand meer in de docentenkamer. Het lijkt alsof er zelfs niemand meer op school is. Ik weet dat dat niet waar is, een van mijn collega's geeft op donderdag tot 18.00 uur les.
Maar voor nu is het stil en is er niemand. Een ideaal moment om mijn administratie bij te werken. Een voor een verschijnen de gezichten van studenten waarover ik op een of andere manier 'iets' moet invullen op mijn scherm. Een enkeling heeft nooit een foto geupload, dan verschijnt een grijs contour van een mensenhoofd. Bij sommige foto's moet ik even glimlachen, een herinnering aan een bepaald verslag of moment in de klas. Bij andere foto's moet ik zuchten, omdat ik denk aan de gesprekken waarin lastige onderwerpen de revue passeren. En dan heb ik enkele studenten waarbij ik eigenlijk niet echt een gevoel heb. Wie zijn ze eigenlijk? Soms omdat hun gezicht beperkt blijft tot een grijs contour soms omdat ik echt de mens achter de foto niet naar voren kan halen, ik weet de naam, het gezicht, maar wat weet ik meer?
Dat zijn de studenten die niet opvallen. Die na een aantal pogingen tot contact, wellicht nog een gesprek of een appje, geruisloos van school verdwijnen. Die op enig moment via een afspraak met de servicebalie hun diploma na jaren geruisloos te hebben gestudeerd ophalen, omdat ze blijkbaar geen momentje wilden vieren al dan niet met andere studenten of docenten. De studenten die de opdrachten 'gewoon' 'gewoon' doen, zonder al te veel poeha, zonder al te veel kritische vragen, zonder veel geluid of veel woorden. De studenten die niet veel vragen, letterlijk en figuurlijk.
Ik noem ze wel eens studenten met een schutkleur. Net als dit kopje, dit prachtig vormgegeven kopje, wat prima in de hand ligt, waaruit het dankzij de geglazuurde rand prettig drinken is, wat zo mooi blendt met de omgeving dat het niet zo opvalt. Niet zo aanwezig is. Niet zo straalt. Het kopje waar wat koffie in achterblijft. Omdat je het kopje niet meer zag toen je de klas uitliep. Het kopje wat soms dagen staat te staan. Alleen. Zonder contact. Zonder bijgevuld te worden. Of afgewassen. Een introvert kopje. Een, al met al, onopvallend kopje.
Jan Dirk van der Ploeg, emeritus hoogleraar orthopedagogiek schreef een boek over Onzichtbare Kinderen. Om verschillende redenen raken deze kinderen onopgemerkt, blijven ze ongezien. Stille kinderen, alleenstaande gevluchte kinderen, kinderen die opgroeien in een sekte, die thuis psychisch worden mishandeld. Zij voelen zich vaak in de steek gelaten door de samenleving, hun school, hun klasgenoten, hun ouders en hun hulpverleners. Veel van deze kinderen, studenten, hebben hulp nodig, maar die ontbreekt en dat maakt hen kwetsbaar.
Het is stil in de docentenkamer. Stil in de gangen. Voor deze kinderen, studenten klinkt geen vraag. Achter deze kinderen, studenten rent niemand aan. Geen hé, jij daar. Geen joh, wat goed. Ook geen maar hoe is het nu met jou? Geen stilstaan bij. Alleen stilte rondom. Net als met die geglazuurde rand, het lijkt mooi, afgerond, het is daardoor makkelijk, niet lastig. Eronder zit ongepolijst gehard, kleurloos keramiek. Zorgvuldig afgedekt. Wie beter kijkt ziet het. Wie snel langsloopt valt het niet op.
Er zou, en daar pleit ik vaker voor, meer aandacht moeten zijn voor de stilte. Ook Van der Ploeg vraagt om meer aandacht en begrip voor deze kinderen, in de huidige extraverte, drukke en snel veranderende samenleving, vallen ze weg. Schutkleuren om jezelf te kunnen verbergen horen bij oorlogstijd, niet bij een schooltijd of studietijd waarin je de kans zou moeten krijgen en durven pakken om jezelf te ontwikkelen tot wie je echt zou willen zijn...
JD Van der Ploeg (2023) - Onzichtbare kinderen. Elf (on)opvallende voorbeelden is uitgegeven bij Uitgeverij SWP. Een aanrader. Niet alleen voor docenten. Maar voor iedereen die met kinderen te maken heeft. En wie heeft dat niet?
.jpg)
Reacties